Van probleem tot probleemanalyse en oplossing

 

Van IST naar SOLL

 

Veranderen

Van IST naar SOLL

 

Wat is nu het probleem? (De IST situatie) ‘’Hoe komt het dat …?’’

  • Waarom is het een probleem en voor wie?
  • Wie ligt waar wakker van en waarom?
  • Wie zijn de betrokkenen bij het probleem en waarom is het probleem voor hen van belang?
  • Wat gaat er eigenlijk concreet fout?
  • Waarom is dat erg?
  • Inventariseer de visies op het probleem.

Wat voor soort probleem is het?

  • Algemeen of specifiek?
  • Is er sprake van concrete gedragingen, attitudes en affectieve reacties bij een aanwijsbare groep mensen?
  • Sociaal psychologisch? (Is het van buitenaf te beïnvloeden?)
  • Is het een individueel of groepsprobleem?
  • Is het een politiek-maatschappelijk, economisch of technisch probleem?
  • Welke aspecten heeft het probleem?
  • Wat zijn de belangrijke en minder belangrijke aspecten?
  • Welk verband is er tussen de aspecten?

Wat zijn mogelijke oorzaken van het probleem?

  • Hoe zou het probleem kunnen zijn ontstaan?
  • Waardoor wordt het probleem veroorzaakt?
  • Via welk proces brengen deze oorzaken het probleem tot stand?

Lijkt het probleem beïnvloedbaar / oplosbaar?

  • Waarom is het probleem nog niet opgelost?
  • Heeft het probleem een positieve functie voor sommige betrokkenen?
  • Wil men het probleem oplossen?
  • Is het mogelijk de relevante attitudes en gedragingen te veranderen?
  • Is er tijd, geld, energie en draagvlak om het probleem op te lossen?
  • Is het wenselijk het probleem op te lossen?
  • Is het probleem een echt probleem?
  • Is er een ethisch verantwoorde oplossing?

Wat doen we er nu aan en werkt dit?

  • ………, ja. Waarom is het dan nog een probleem?
  • ………, nee. Wat kunnen we anders doen zodat het probleem zich niet meer voordoet?

 

"Plan

Plan > Do > Check > Act cyclus

 

Hoe ziet de ideale situatie (de SOLL situatie) er uit?

  • Waaraan zouden we merken dat het probleem opgelost is?

Wat zou er volgens jou gedaan moeten worden om tot de ideale / SOLL situatie te komen?

  • Ieder voor zich zonder de naam erbij, in stilte op papier, de mogelijke oplossingen die in je opkomen opschrijven. ‘’Ik denk dat …’’.
  • Wanneer iedereen klaar is de papieren verzamelen, door elkaar husselen en aan de deelnemers uitdelen zodat hopelijk de meesten iemand anders’ papiertje krijgen.
  • Vervolgens per persoon  de briefjes voor laten lezen en door iemand over laten nemen op een flipover vel of whiteboard.
  • Uit de hele lijst een top drie van oplossingen filteren door per oplossing deelnemers te laten stemmen.

Wie gaat wat doen? (SMART)

  • Hoe gaan we dat doen?
  • Wanneer gaan we dat doen?

Wanneer evalueren we de nieuwe interventie?

FacebookTwitterGoogle+Share